Kleine Oratio – ER WAS EENS
(in Dutch)
Here is the text of my goodbye speech when retiring as professor of music at Codarts, Fall 2025.
CLICK HERE

Kleine Oratio – ER WAS EENS
Oscar van Dillen 4 september 2025
Codarts pensionering afscheidsrede
click here for playlist surrounding musics
Er was eens…
Er was eens een school, niet zomaar een school.
Begonnen ooit als Conservatorium van Rotterdam, in 1930, aan de Pieter de Hoochweg, een gebouw dat nog bestaat, waarin de Willem Pijperzaal zich bevond. De school heeft het bombardement van 1940 en de Duitse bezetting overleefd. Ik kwam altijd op de fiets naar Codarts, maar vandaag heb ik met de auto hieronder in de garage onder Kruisplein geparkeerd. Een paar jaar geleden moesten we plotseling de lessen afbreken en het gebouw ontruimen, omdat bij het aanleggen van deze parkeergarage een grote nog onontplofte bom werd gevonden.
Uit 1931 stamt de Dansacademie, van Muziektheater vond ik geen oprichtingsjaar, Jazz, voorheen onder de naam Lichte Muziek uit 1974, Wereldmuziek (nu Global Musics) uit ca 1988, de opleiding Pop uit ca 1998 (?), Circus uit 2006. Dan is er het Codarts Lyceum en de gebouwen nu: het nieuwe Kruisplein boven de Doelen van architect Jan Hoogstad uit 2001, voorheen het Loodswezen nu het volledig herbouwde WMDC van architecten van den Broek en Bakema uit 2006, inmiddels inclusief het aanpandige voormalige SKVR gebouw, en tenslotte de Fenix loods I, oorspronkelijk uit 1922 maar compleet gerenoveerd na 2020; tezamen is dit alles Codarts.
De diversiteit was hier altijd de grootste kracht, kijk maar om je heen.
Er was eens…
Er was eens een student, niet zomaar een student, wellicht een eeuwige student.
Naast 4 jaar architectuur, 1 jaar Wiskunde, 8 jaar Noord Indiase Klassieke Muziek, 8 jaar Jazz, 2 jaar Middeleeuwse en Renaissance Muziek, studeerde ik fluit, compositie en theorie in Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Düsseldorf. Mijn eerste composities maakte ik op mijn 11e, ik geef muzieklessen sinds mijn 16e. Daarnaast ben ik eeuwig studerend grotendeels autodidact beeldend kunstenaar. Sinds mijn 1e jaar studie aan het Rotterdams Conservatorium geef ik les aan wat iets later Codarts ging heten.
Ik ben altijd blijven leren; nieuwsgierigheid is en diep en door en door menselijk instinct.
Er was eens…
Er was eens een docent, zomaar een docent.
Begonnen aan de Wereldmuziek afdeling, gaf toen ook les aan Pop, Klassiek, en Jazz, daarna ook Docent Muziek; ik doceerde aan alle muziekopleidingen en ook aan het Lyceum van Codarts. Daarnaast doceerde ik aan het Hellendaal Muziekinstituut en de Universiteit van Utrecht afdeling musicologie, en gaf gastlessen op kunstacademies en universiteiten.
Op Codarts doceerde ik muziektheorie, analyse, solfège, gehoortraining, arrangeren, componeren, ook als hoofdvak, improviseren voor klassieke musici en muziekgeschiedenis. Ik droeg steeds ook mijn steentjes bij een onderwijsontwikkeling, het scriptietraject, waarvoor ik de eerste uitgebreide reader schreef, ik maakte veel lesmaterialen en echte readers, die via mijn website beschikbaar blijven (en waarvan ik hoop dat ze nog een langer leven beschoren zijn dan mijn lesbaan), ik was vakgroepleider theorie muziekopleidingen, studieloopbaanbegeleider en ICTO, automatiseringsdeskundige, en was lid van de opleidingscommissie en later de medezeggenschapsraad.
Opleiden is veel meer dan lesgeven alleen, en je doet dat nooit alleen.
Er was eens…
Er was eens een toekomst, een open toekomst, misschien ook wel een onzekere toekomst, of een onduidelijke toekomst, maar toch een open toekomst, met veel relevante vragen.
Ik wil er één vraag uitlichten, en om mijn denken hierover te verhelderen geef ik wat context.
In het begin van wat wij klassieke geschiedenis noemen is er het schrift, het schrijven, maar de geschiedenis gaat veel verder terug, millennia, en duizenden van duizenden generaties van voorouders. De oudste grote culturen ontwikkelden niet alle een schrift, dat gebeurde alleen op plekken waar er een graaneconomie ontstond. Een geschreven administratie maakte een centrale macht mogelijk; het schrift, het geschreven woord en getal, is later gebruikt voor kunst en literatuur, maar is oorspronkelijk ontwikkeld voor de uitoefening van centrale macht en controle.
In de muziekgeschiedenis is muziekschrift, notatie, ook ontwikkeld ten bate van centrale macht; een paus Gregorius wilde zeker weten dat er geen kroegmelodieën onder de misteksten in de kerken werden gezongen en gaf opdracht tot vastleggen. Ook dit notenschrift heeft later natuurlijk geschreven meesterwerken opgeleverd, maar aan de wieg stond ook hier de centrale machtsuitoefening.
Toen kwam de drukkunst, beter gezegd de drukkunde, deze verspreide ideeën. Toen kwam het Internet, die instant remote drukkunst, deze verspreidt vooral onkennis.
Tegenwoordig is, ook in het onderwijs, automatisering alomtegenwoordig. Maar automatisering op de keper beschouwd vertoont de tekens van het vroege schrift: zie dient vooral de centrale macht(en). Automatisering belast en verzwaart het werk omdat er een ander secundair werk erbij ontstaat, dubbel werk dus, en bovendien niet zoals beloofd wordt het werk vergemakkelijkt maar integendeel juist bemoeilijkt. Het werk erbij is vooral registratie en dus perifeer; het dient op geen enkele wijze de kerntaken, maar juist de machten en controleurs.
Heel modern is de nieuwste automatiseringsgolf, die KI kunstmatige intelligentie of AI artificial intelligence wordt genoemd. Deze overspoelt alle werkvelden door de bewust overhaastige marketing en is de regelgevers altijd ver vooruit. De vraag voor ons musici, makers, docenten dient niet zozeer te zijn “hoe moet ik omgaan met deze van buitenaf voorgegeven technologieën” maar veeleer “welke grenzen leg ik en leggen wij deze zogenaamde AI op”? Dit is een ethische en geen technische vraag. Indien deze vraag niet tijdig beantwoord wordt belanden wij in een technocratie.
Er was eens…
Er was eens een einde, en een nieuw begin.
Onze dagelijkse wegen gaan nu scheiden, maar wij worden geen vreemden voor elkaar. Een pensionering is ook geen werk-menopauze, maar er komt wel tijd, en ruimte, eigenlijk tijdruimte naar Einstein, voor wat ik het volgende OCTAAF noem.
Tijdruimte voor mij, als maker van muziek, van beeld, en als schrijver; en tijdruimte voor jullie, studenten, alumni en collega’s als makers en docenten, en tijdruimte voor Codarts als broeinest in opleiding.
Ik heb zin in de volgende episode van onze gezamenlijke FUGA, deze muzikaal-poëtische dans van muziek en leven, die wij zullen voortzetten!
Opdat de muziek, de kunst, de vrije expressie, en het hoger onderwijs hierin, doorgroeit, in het bijzonder door onze studenten en alumni – van jullie heb ik uiteindelijk het meeste geleerd en genoten.
Dank jullie wel.
